Skip to main content

Bussums Historisch Tijdschrift 27/1 (februari 2011) pag. 4-7


De geschiedenis van 'De Vonk'

 

Chris Leenders

Klik hier voor de pdf van dit artikel

Onderstaande illustraties zijn aanklikbaar voor een vergroting.

 

 

 
 1899: De Nassaulaan vanaf Slagerij Keppler richting Boekhandel Los. Rechts vooraan op de gevel van Keppler is een koeienkop te zien, ernaast de tuin van Keppler, coll. HKB.
 

Nassaulaan

De grond van De Vonk was ooit eigendom van Joseph Herman Biegel, een rijke Duitse koopman, die in maart 1874 een kavel gekocht had gelegen tussen de huidige Brinklaan, Veldweg, Nassaulaan en het spoor. Hij liet daar een zogenaamd ‘zomer-en winterverblijf’ bouwen dat in 1875 werd opgeleverd. Biegel naturaliseerde tot Nederlander in 1875. Hij noemde de neoclassicistische villa ‘Nassau’, want hij was afkomstig uit het Duitse graafschap Nassau.

De gemeente sloeg hem aan voor jaarlijks 400 gulden aan huurwaarde, gebaseerd op het aantal deuren en ramen, in totaal 32 stuks, en het aantal haardsteden, 7 stuks. De ingang van de villa lag aan een zandpad. Toen later dat zandpad voor zijn villa verhard werd, kreeg dat weggetje de naam Nassaulaan.

Aan de overkant van het spoor, grenzend aan de grond van zijn villa, koopt Biegel in 1875 een stuk weiland. Hij laat er een wandelpark aanleggen met waterpartijen en rustieke bruggetjes. Een lange zichtas verbindt de villa over het spoor met het park. Biegel noemt dit het Nassaupark en stelt het open voor het publiek.

 

 

   
 
 Ca. 1905: Slager J.S. Keppler Dzn. zit op de koets. De koets werd gebruikt voor het bezorgen, maar ook voor privéritjes. Zijn kinderen staan naast de winkel, het personeel staat ervoor. Mevrouw Keppler leunt uit het raam op de eerste verdieping, coll. HKB.

Keppler

In 1880 besluit Biegel om zijn oorspronkelijke perceel in tien losse kavels te verkopen. De villa behoudt hij. In februari 1885 verkoopt Biegel aan de Amsterdamse vleeshouwer Dirk Keppler voor 5.100 gulden een perceel tuingrond met daarop staande een stenen theekoepel. Dirk Keppler vraagt en krijgt toestemming van de gemeente Bussum om er een dubbele villa te mogen bouwen (de nog aanwezige theekoepel wordt gesloopt), met de mogelijkheid er later een slagerij en een vleeshouwerij in te vestigen.
In 1889 betrekt zijn zoon Johann Samuel Keppler de dubbele villa en verbouwt deze tot bedrijfsruimten. Voorin vestigt hij zijn slagerij (de tweede slagerij in Bussum, na Van Onselen in de Kerkstraat). Het achterste gedeelte wordt verhuurd aan Leendert Vonk, die er een smederij vestigt.

In 1901 overlijdt Dirk Keppler. Zijn weduwe Cornelia Christina Keppler-Weber en hun enige zoon J.S. Keppler erven ieder de helft van de dubbele villa. Zoon Johann zet de slagerij voort en behoort al snel tot de gegoede middenstand van Bussum. Op zondagen gaat Johann met zijn vrouw en kinderen graag uit rijden met zijn koets, meestal richting ‘Oud-Bussem’. De slager is liefhebber van Duitse doggen, waarvan hij er gedurende zijn leven de nodige bezit. Eenmaal maakt hij met zijn grote hobby een zijstapje en bezit hij ook een net zo imposante sint-bernardshond.
Johann kreeg samen met zijn vrouw vijf kinderen, onder wie drie dochters. Die dochters hadden prachtig vuurrood haar. Toen die dochters tot jonge vrouwen opgroeiden en ze hun grote Duitse doggen uitlieten, ging (volgens de olijke vader Johann) menig Bussums jongens- en mannenhart sneller kloppen als die schoonheden voorbij kwamen.
Achter de villa bevonden zich de stallen voor het slachtvee en de paarden van Johann. In 1904 werd er achter de villa een aparte stalhouderij gevestigd die echter andere eigenaren kende.

In die tijd explodeerde het aantal inwoners van Bussum: het werd echt een forenzendorp en dus ging het ook goed met de slagerij. Het centrum lag vroeger op de Brink, maar was nu verschoven naar de Nassaulaan, waar steeds meer winkels kwamen. De Nassaulaan groeide uit tot de Bussumse Kalverstraat. De slagerij heeft bestaan tot 1928. In dat jaar verkocht Johann Keppler de villa aan zijn huurder, de smid Leendert Vonk.

 

 

 
1 september 1898: Er is een feestelijke erepoort gebouwd en de gevels zijn uitbundig versierd ter gelegenheid van de troonsbestijging van Koningin Wilhelmina. Links Villa Stella, coll. HKB
 

Leendert Vonk

Zoals wij zagen begon Leendert Vonk zijn hoef-, huis- en rijtuigsmederij in 1890 in het tot bedrijfsruimte verbouwde achtergedeelte van de villa. In de boerengemeenschap van die dagen kon hij een goede boterham verdienen. Hij had dus al snel enige knechten nodig om alles draaiende te houden. Evenals Johann Keppler kreeg Leendert Vonk vijf kinderen: drie dochters en twee zonen.

In de jaren twintig verandert er heel snel erg veel. Er zijn steeds minder paarden te beslaan en ook het aantal rijtuigreparaties loopt rap terug. Vonk gaat zo rond 1926 haarden verkopen en nog wat later ook huishoudelijke artikelen. De smederij blijft daarnaast nog in bedrijf, wordt uiteindelijk door zoon Hermanus Vonk in 1950 overgenomen en blijft nog tot circa 1970 bestaan. Het pand van Vonk komt zo aan zijn naam: ‘Haardenhuis Vonk’.


 

 
 
Advertentie uit de Bussumsche Courant van 27 juni 1931, coll. HKB.

Haarden en fornuizen

In het begin worden er kolenhaarden en kolenfornuizen verkocht. Het gemeentelijke gas is in opkomst en Vonk huurt al in 1929 de tuinzaal van Concordia af om daar een demonstratie te geven met het ‘Dordrecht’ gasfornuis. Dat was toentertijd het toppunt van koken: de aanwezige dames konden het koken en bakken gadeslaan en er zelf ook aan meewerken om vervolgens na afloop de warme gerechten te nuttigen.
Ook verkoopt Vonk in die tijd kinderwagens. Er zijn doorlopend minstens 40 modellen op voorraad in de prijsklasse tussen de 30 en 80 gulden. De klanten komen behalve uit Bussum verder uit heel het Gooi. Na aankoop van zo’n kinderwagen wordt deze achter een fiets gehangen en zo bij de klanten thuisgebracht, in Bussum, maar ook daarbuiten.

 
De Nassaulaan rond 1930. Villa Stella is gesloopt en in 1928 vervangen door een ‘warenhuis met bovenwoningen’, van architect H.F. Sijmons, coll. HKB.
 

Begin jaren 30 verkoopt Vonk de eerste kinderwagens met kogellagers, die als reclametekst hebben: ‘die lopen als vanzelf’.
Daarnaast worden er tuinmeubels en grote parasols verkocht en komt er boven de zaak een zogenaamde monsterzaal met de nieuwste modellen vouw- en poppenwagens. Vonk is ondertussen agent geworden van Jaarsma haarden. Hij levert ook de bijbehorende Belgische antracietkolen. In 1935 komen in Bussum de eerste watergevulde radiatoren. Ze worden door het Bussumse gas verwarmd voor 1 cent per uur. Het is de voorloper van de huidige
centrale verwarming.
Vonk wordt in 1936 een meer allround huishoudzaak: zo worden er Gero zilveren tafelbestekken verkocht alsmede koperen en bronzen bloemvazen, rooktafels en kunstaardewerk en dat allemaal voor zeer billijke prijzen. De Tweede Wereldoorlog wordt doorstaan en ook de jaren vijftig.

 
 
De foto is gemaakt vanaf het dak van de Hema, eind jaren ‘50. Rechts is nog het overwegwachterhuisje te zien, vlak bij Haardenhuis Vonk staat al de bloemenkiosk. De spoorwegovergang is tegenwoordig groter en iets meer noordelijk gelegen. Coll. HKB.

Ondertussen is Leendert Vonk met pensioen gegaan (al blijft hij zich op de achtergrond nog met de zaak bemoeien) en opgevolgd door zijn zoon Willem Cornelius Vonk. Dan komt in 1963 het aardgas in Bussum. Het wordt een gouden tijd voor Vonk: recente oude haarden en fornuizen kunnen worden omgebouwd maar ook moeten de bewoners van Bussum veel nieuwe gastoestellen aanschaffen. Leendert Vonk overlijdt in 1973. Begin 1977 wordt de zaak uiteindelijk, na interesse van de gemeente Bussum voor het pand, na een grote uitverkoop, gesloten. Later, in 1977, wordt het pand Nassaulaan 43-45 voor 275.000 gulden door de erven Vonk aan de gemeente Bussum verkocht. De gemeente wil het pand slopen om voor de verkeersafwikkeling een centrumring aan te leggen.

 

 

 

 
Galerie De Vonk in 98 , coll. HKB
 

Kunstenaarscollectief

In dat zelfde jaar 1977 verhuurt de gemeente Bussum het pand eerst tijdelijk aan Modehuis Konijn, dat wegens brand snel een noodonderkomen nodig heeft. De Vereniging van Beeldende Kunstenaars Bussum (VBBK) huurt daarna het pand van de gemeente en vestigt er in 1979 het Kunstenaarscentrum De Vonk. En dan breekt er een heel turbulente tijd aan. Het kunstenaarscentrum bestaat uit een galerie, een kunstuitleen, een documentatiecentrum, er
zijn ateliers beschikbaar voor kunstenaarsleden en er zit een kunstenaarscollectief.

   
 
Uitnodiging voor de tweede Ledententoonstelling van de VBBK van 8 januari tot en met 5 februari 983, geopend door wethouder mevr. N. Koning-Zijp, coll. HKB.

In die jaren wordt hard gewerkt aan allerlei kunstobjecten en in de galerie exposeren kunstenaars uit binnen-en buitenland. Er wordt veel gewerkt aan experimentele en vernieuwende kunst, ook op het gebied van muziek en later video. Het collectief houdt gezamenlijke vakanties met andere kunstenaars om elkaar beter te begrijpen. Er vinden veel internationale uitwisselingen plaats, onder andere met Kopenhagen en Malaga. Internationale kunstenaars nemen op hun beurt deel aan exposities in De Vonk. Het Kunstenaarscollectief De Vonk wordt zelfs ‘wereldberoemd’ in Nederland en wordt uiteindelijk opgenomen in het Internationale Lexicon van Beeldende Kunstenaars.


Een aantal spraakmakende exposities leidt tot veel ophef. De gemeente is niet altijd gelukkig met zoveel rumoer in haar pand, maar de kunstenaars maken zich sterk voor hun keuzes. De communicatie met de cultuurambtenaren en -wethouders loopt meestal zeer stroef. Voor zover nog niet bij hen aanwezig, krijgen de ambtenaren en wethouders hun eerste grijze haren vaak cadeau van de VBBK! Er was sprake van een haat/liefdeverhouding tussen de VBBK en de gemeente Bussum.

 
Affiche van een tentoonstelling in het kader van internationale uitwisseling van kunstenaarscollectief De Vonk in Malaga, van 20 november tot 4 december 987, coll. HKB.
 

De gemeente overlegt eindeloos met de kunstenaars over de huisvesting, want het uiteindelijke doel is de villa te slopen. De VBBK zit maar tijdelijk in de villa en de gemeente wil ze dus eruit hebben. De aangeboden alternatieve woonruimte wordt door de VBBK echter steeds afgewezen. Tenslotte verlaat de VBBK in 1992 na veel vruchtbare jaren de villa en houdt op te bestaan.

 

Herinrichting

De kunstenaars timmeren vanaf 1994 aan de weg met de Bussumse atelierroute en vormen een jaar later de vereniging Artes, die nog steeds bestaat. De gemeente Bussum verkoopt het pand in 1993. Daarna is het pand in gebruik als interieurwinkel: onder andere Biggie Best (1993-2003) en Villa Meijer (2003-2007). De gemeente Bussum koopt het pand opnieuw aan in 2007, weer met de bedoeling het op termijn te slopen, ditmaal in verband met de herinrichting van het kruispunt en de spoorwegovergang. In afwachting van de benodigde procedures wordt het pand verhuurd aan de woonwinkel Life Style (2007-2010).

 
 
De Vonk in december 2010, foto: Jaap van Hassel.

Begin 2010 ontstaat er grote onrust in de Bussumse samenleving als de gemeente aangeeft het pand nu daadwerkelijk te willen gaan slopen. De sloop van het pand is bedoeld ten gunste van een soepelere verkeersafwikkeling binnen het plan Veldweg en in relatie met de nabijgelegen spoorwegovergang. Diverse raadsleden in de Bussumse gemeenteraad zijn tegenstander van de sloop. Zij willen van het college een gedegen onderzoek naar de haalbaarheid van de plannen. Uit onderzoek blijkt dat het pand ‘Vonk’ wel degelijk een bijzondere cultuurhistorische waarde heeft en daardoor is sloop voorlopig van de baan. De gemeente gaat op zoek naar een nieuwe huurder. Het lijkt op een herhaling van zetten uit de jaren ‘80. De sloopplannen vanwege de aanleg van een centrum verkeersring zijn ook nooit doorgegaan. Wat de toekomst ons gaat brengen weten we nu natuurlijk niet maar voorlopig is ‘De Vonk’ gered van sloop.

De auteur wil graag Hendrien Landeweer en Nel Krijnen van Gog dank zeggen voor hun hulp en opbouwende kritiek bij het schrijven van dit artikel.


Bronnen

-Archief Historische Kring Bussum
-Streekarchief Naarden
-Eigen archief auteur
-De Gooi-en Eemlander, div. jaargangen
-De Bussumsche Courant, div. jaargangen
-In Bussum hebben straten namen, Zaltbommel 1992
-In Bussum kan alles, Zaltbommel, 1992


Chris Leenders (1953) is geboren en getogen Bussummer. Sedert 2000 woont hij te Almere van waaruit hij op afstand het wel en wee van Bussum bestudeert. Hij heeft rechten en geschiedenis gestudeerd en is daarna uiteindelijk in het fiscale wereldje terechtgekomen. Hij doet veel historisch onderzoek en publiceert historische artikelen over met name Bussum. Tevens is hij vrijwilliger bij de Historische Kring Bussum.