Skip to main content

Bussums Historisch Tijdschrift. jaargang 32 nummer 1 (april 2016). pag. 12-15


In het teken van de vis

Anne Medema

Klik hier voor de pdf-versie van dit artikel.
De illustraties zijn aanklikbaar voor een vergroting.

Naarden beschikt over de best bewaarde vesting van Europa en het is dan ook begrijpelijk dat de focus van toeristen allereerst daarop is gericht. Maar Naarden heeft nog meer te bieden, zoals fraaie woningbouw uit de jaren dertig van de 20ste eeuw en de vele houten huizen uit de periode daarvoor, die verrezen op locaties die voor de afschaffing van de Kringenwet tot de vrije schootsvelden werden gerekend. Zo is er nog oneindig veel meer te noemen, maar voor dit artikel zoomen we in op de Algemene Burgerlijke Begraafplaats te Oud-Valkeveen. 

Begraven in kerken

Dat lijkt op het eerste gezicht niet een opwekkend onderwerp, maar begraafplaatsen en hun vormgeving en inrichting geven inzicht in de wijze waarop het leven vroeger werd geleefd. Daarmee zijn ze een bron voor de geschiedschrijving. Alleen al de opschriften op de grafstenen gunnen ons een blik op het leven van de overledenen, die bij leven een plaats binnen de gemeenschap innamen.

Na de invoering van het Christendom en de bouw van kerken vonden de meeste overledenen daar hun laatste rustplaats. Zij werden te ruste gelegd met hun voeten naar het oosten. En daar zat de gedachte achter, dat de overledene bij de verrijzenis op de dag van Christus’ Wederkomst, die vanuit die windstreek zou geschieden, de Heiland aanstonds in het gelaat zou blikken, zodra de dode zich had opgericht. Eeuwenlang vonden begravingen in en bij kerkgebouwen plaats en begraafboeken werden nauwkeurig bijgehouden, hoewel er helaas ook veel van deze registers verloren zijn gegaan.

       
 
Ontwerp van de Algemene Burgerlijke Begraafplaats te Oud-Valkeveen, 1937)

Aan het einde van de 18de en aan het begin van de 19de eeuw kwamen er belangrijke veranderingen in godsdienstige en maatschappelijke opvattingen. Voor de funerale historie zijn hier twee elementen van belang. In de eerste plaats kwam er een scheiding tussen kerk en staat en in de tweede plaats groeide de aandacht voor hygiëne en gezondheidsaspecten. Niet langer was iedere begrafenis per definitie een chrístelijke teraardebestelling en daarmee kwam er ook verandering in de symboliek die een dergelijke plechtigheid omgaf. Daarnaast bracht het begraven in kerken gevaren met zich mee voor de volksgezondheid, want de lijklucht die hiervan het gevolg was, begon meer en meer problematisch te worden. Daarom werd in 1827 de Wet op de Lijkbezorging uitgevaardigd, die het begraven in kerkgebouwen verbood en voorzag in de aanleg van Algemene Burgerlijke Begraafplaatsen, bestemd voor de teraardebestelling van overledenen van alle gezindten. Tot ongeveer het midden van de 19de eeuw vonden er nog wel begravingen in kerken plaats, voornamelijk van beter gesitueerden, die ooit graven in de kerk hadden gekocht. Naar verluidt is onze uitdrukking ‘Rijke stinkerds’ afkomstig van deze situatie. 

Op zoek naar een plek voor een Algemene Burgerlijke Begraafplaats

Als gevolg van de Wet op de Lijkbezorging van 1827 gingen steden en dorpen op zoek naar geschikte locaties. Soms ging de begraafplaats bij de kerk als Algemene Burgerlijke Begraafplaats fungeren en in andere gevallen, bijvoorbeeld in vestingsteden, werd een deel van de bolwerken als zodanig in gebruik gesteld. 

      Geëgaliseerd door
arbeiders uit de
werkverschaffing

In Naarden werd een nieuwe Algemene Burgerlijke Begraafplaats aangelegd aan de Amersfoortsestraatweg, op het grondgebied van de gemeente Bussum. Maar in het begin van de jaren dertig van de vorige eeuw was Naarden qua inwonertal behoorlijk toegenomen, mede als gevolg van de woningbouw, die groots werd aangepakt na afschaffing van de Kringenwet uit 1926. Er ontstond behoefte aan een nieuwe begraafplaats, die ook voor de toekomst over voldoende capaciteit beschikte.Oorspronkelijk lag het in de bedoeling om een nieuwe dodenakker aan te leggen tussen de spoorweg en de Rijksweg, vlakbij de Karnemelksloot, maar dit plan bleek niet haalbaar. Vervolgens kocht de gemeente een uitgestrekt terrein bij Oud-Valkeveen en liet dat ter voorbereiding op de aanleg van een begraafplaats egaliseren door arbeiders uit de werkverschaffing.

Een lust voor het oog

Het gemeentebestuur gaf aan de heer Deenik, de toenmalige gemeentearchitect en directeur Gemeentewerken, de opdracht om een ontwerp te maken, maar het resultaat van zijn inspanningen kon het gemeentebestuur niet bekoren.

      
Dirk Frederik Tersteeg (1876-1942)
 

Vervolgens nam men de bekende, in Naarden woonachtige tuinarchitect Dirk Frederik Tersteeg (1876-1942) in de arm en hij presenteerde zijn plan op 4 maart 1937, tijdens een persconferentie op het Stadhuis van Naarden. De nieuwe begraafplaats zou ongeveer 400 meter lang en ongeveer 130 meter breed worden en plaats bieden aan 308 huurgraven, 2400 koopgraven, 150 kindergraven en 25 familiegraven.

       
 
Fragment van de bouwtekening van de aula van de Algemene
Burgerlijke Begraafplaats te Oud-Valkeveen, 1937

Het ontwerp van Tersteeg, dat rijkelijk voorzag in de aanleg van groen, dwong alom respect af. De tegenwoordige bezoeker van de begraafplaats zal daar zeker, ruim 75 jaar na de aanleg, volkomen mee instemmen. Het vele groen, de fraaie zichtlijnen en de aula zijn een lust voor het oog. Hoewel het plan van Tersteeg allerwegen lof oogstte, is het toch zaak om het ontwerp van de begraafplaats wat nauwkeuriger in ogenschouw te nemen, om vervolgens van de ene verbazing in de andere te vallen.

De vorm van een vis

Tersteeg had de opdracht om een plan te maken voor een Algemene Burgerlijke Begraafplaats. Ontwerp en inrichting moeten dan, met inachtneming van wet- en regelgeving, aangepast zijn aan waarden rond dood en overlijden, die door alle burgers worden gedeeld. Voor verwijzingen naar religieuze tradities en symbolen van welke specifieke godsdienst dan ook is dan eigenlijk geen plaats. Wanneer wij het plan van Tersteeg goed op ons laten inwerken, dringt zich onmiskenbaar aan ons op, dat het ontwerp is gemaakt in de vorm van een vis. En dat is zeer opmerkelijk, hoewel daarover niets valt te lezen in contemporaine bronnen en verslagen.

Te Naarden wordt
men begraven in het
teken van de Vis
     

De afbeelding van een vis was namelijk het symbool bij uitstek, waaraan Christenen elkaar in het oude Rome van de eerste eeuwen, in tijden van vervolging, konden herkennen. Heden ten dage zijn in de catacomben van Rome, waar ooit overledenen werden begraven en Christenen in het geheim hun bijeenkomsten hielden, afbeeldingen van het ‘ICHTUS-teken’ te bewonderen. ‘ICHTUS’ is het Griekse woord voor ‘vis’.

      
 
Ichtusteken

Het Ichtus-teken

De reden, waarom die oude Christenen zich nu juist van dit woord bedienden als herkenningsteken, is gelegen in het feit dat de letters van het woord ‘ICHTUS’ de beginletters zijn van aantal Griekse woorden, die aangeven hoe persoon en functie van Jezus Christus werden gezien, zoals in het onderstaande schema wordt uitgedrukt.

I Iesous Jezus  
CH  CHristos  Christus  
TH Theou Gods  
U Uios Zoon  
S Soter Verlosser (Redder of Bevrijder)  

Het is en blijft opmerkelijk dat deze symboliek in het ontwerp van Tersteeg niet werd genoemd of misschien zelfs niet eens is opgemerkt. Het lijkt er een beetje op of Tersteeg de gemeente Naarden een beetje heeft gefopt. Hoe dit alles ook moge zijn, te Naarden wordt men begraven in het Teken van de Vis! Aangezien Jezus in de christelijke geloofstraditie, degene is, die als Eersteling uit de dood is opgestaan, is dit artikel over de historie van een dodenakker letterlijk ‘opwekkender’ dan men op het eerste gezicht zou vermoeden. 

Anne Medema is Gemeentearchivaris Gooische Meren en Huizen